Zelf pizza maken

Nodig:

  • thermometer
  • deegroller
  • half koffiekopje warm water tussen 43.3 en 46.1 graden
  • zakje actieve droge gist
  • 400 tot 500 gram (volkoren)meel of bloem
  • zout
  • klein scheutje honing
  • olijfolie
  • Tomatensaus
  • Topping naar keuze (kaas, groenten, vlees, garnalen, kruiden, pesto)

Pizza is voor veel kinderen, en misschien ook wel voor veel volwassen, een lievelingsgerecht. Pizza heeft onterecht een slechte naam. Het is waar dat de populaire diepvriespizza’s vettig zijn en weinig voedingsstoffen bevatten. Thuis, echter, kun je gezonde pizza’s maken. Zeker als je volkorenmeel gebruikt. Door er veel verse groenten op te doen wordt de pizza een vitaminebom. En een gezonde kaas (mits je er niet te veel op doet) als mozarella is een belangrijke bron van eiwitten.

Bereiding

  1. Mix het water, de gist en de honing in een kom. Wacht totdat er bubbels ontstaan. Voeg een scheutje olijfolie toe.
  2. Doe ongeveer 300 gram van het meel bij de gist en mix goed met een lepel. Voeg geleidelijk aan steeds meer meel toe, totdat je het deeg niet meer met de lepel kunt roeren. Verstuif wat meel over het aanrecht en leg het natte deeg erop.
  3. Kneed het deeg met je handen en voeg steeds een beetje meer meel toe. Blijf kneden tot je een bal kunt vormen.
  4. Was je handen. Kneed verder met schone handen. Voeg zo nodig weer meel toe, totdat het deeg glad is en niet meer aan je handen plakt.
  5. Schenk een scheut olijfolie in een kom en plaats de deegbal erin. Haal de bal goed door de olie. Bedek de kom met een handdoek of huishoudfolie en wacht tot het deeg 2 tot 3x in volume is gerezen.
  6. Verwarm de oven voor op 200 graden. Afhankelijk van je oven moet de temperatuur misschien iets hoger. Daar zul je mee moeten experimenteren
  7. Rol het deeg uit een plaats het op een met bloem bestuifde metalen ovenplaat.
  8. Versier de pizza met je favoriete topping en plaats hem in de oven. Bak tot de korst gaar is en bruin begint te worden.

Deel jouw favoriete topping en inspireer de keukenprinsessen van de Cooking Blondes Club. Laat een berichtje achter in de comments!

Eetdagboek: dé manier om af te vallen

Uit onderzoek is gebleken dat het bijhouden van een eetdagboek dé manier is om af te vallen. Mensen weten vaak niet hoeveel calorieën ze op een dag binnen krijgen. Ze lezen de etiketten niet (lees: de waarheid over lightproducten), nemen te grote porties of hebben simpelweg niet door hoeveel ze tussendoor snacken (als je het TV programma Secret Eaters hebt gezien komt dit niet als een verassing). Het bijhouden van een eetdagboek geeft direct inzicht.

Na wat vergelijkend warenonderzoek op het internet kwam ik uit bij MyFitnessPal. Via de website kun je precies bijhouden wat je dagelijks, wekelijks en maandelijks eet. De formule is simpel: MyFitnessPal berekend door middel van je gewicht, leeftijd, geslacht, streefgewicht en wekelijkse beweging wat je maximale dagelijkse calorie inname moet zijn. Jouw doel is om onder dat getal te blijven.

Voedingsmiddelen vind je gemakkelijk en snel in de enorme database, of voer je handmatig in. Je kunt zelfs je favoriete recepten opslaan. Voor mensen die een smartphone hebben is het helemaal gemakkelijk. De gratis app bevat een barcode scanner waarmee je voedingsmiddelen nog sneller toevoegt. De website en de app synchroniseren met elkaar. Je kunt je vorderingen dus zowel via de site als je telefoon inzien. Verder kun je via de website wat instellingen veranderen en MyFitnessPal verder personaliseren. Bekijk de website dus, ook als je de app hebt.

Naast het optellen van calorieën bij iedere maaltijd kun je ook calorieën aftrekken wanneer je sport. Voor bijvoorbeeld hardlopen berekend de app een gemiddelde, afhankelijk van het aantal minuten dat je gelopen hebt. Gebruik je een hardloop app, of sta je op een fitnessapparaat dat het aantal verbrande calorieën berekend, kun je ze ook handmatig invoeren. Zelfs voor mijn waterpolo training gaf de app me een gemiddelde calorieverbranding.

De waarheid over lightproducten

Na een lange winter was het gister voor het eerst eindelijk lekker weer. En dan begint het bij mij meteen te kriebelen. Ik heb zin om het huis onder handen te nemen en om meer te sporten. En, om weer in bikini-shape te komen, let ik ook meer op mijn voeding. Sommige producten vermijd ik volledig, maar waar mogelijk zoek ik naar gezondere alternatieven.

Als we het over gezonde alternatieven hebben komen we al snel uit op lightproducten. Maar zijn die wel zo gezond als producenten adverteren? In het nieuws komen er vaak veel tegenstrijdige berichten langs. En wanneer mag je een product eigenlijk light noemen?

Dat ga ik de komende tijd voor je uitzoeken! We behandelen onder anderen margarine vs. boter,  frisdranken, snacks en zuivelproducten. Houd de website in de gaten, abonneer je op de nieuwsbrief en like ons op facebook!

Lightproducten (deel 1): Hoe light is light?

Uit onderzoek blijkt dat dat meer dan driekwart van de Nederlanders regelmatig light producten gebruikt. Mensen met overgewicht doen dit het meest; 63% gebruikt minimaal één keer per week een lightproduct. Vooral light frisdrank,  kaas, halvarine en frietsaus zijn populair. Goede keuzes, zul je denken, maar is dat wel zo? Hoe light is light?

Wetgeving

Volgens een onderzoek van het Voedingscentrum overschatten consumenten de effecten van lightproducten. Maar liefst 30% van de ondervraagden die aangeven dat ‘light’ minder calorieën betekent, menen dat ‘light’ staat voor minimaal de helft minder calorieën. Echter, in werkelijkheid betekent ‘light’ een reductie van tenminste 30%.

De Europese regelgeving over claims – die sinds 1 juli 2007 geldt – stelt aan de claim ‘light’ of ‘lite’ voor een levensmiddel (en voor elke andere claim die voor de consument waarschijnlijk dezelfde betekenis zal hebben) dezelfde voorwaarden als aan de claim ‘verlaagd’. Verder moet bij de claim worden vermeld welke eigenschap(pen) het levensmiddel ‘light’ of ‘lite’ maken. De wet zegt over ‘verlaagd’ het volgende:

  • verlaagd gehalte aan (naam nutriënt): deze claim betekent in hoofdlijnen dat deze variant tenminste 30% minder van een nutriënt (energie, vet of suiker) bevat dan het vergelijkbare ‘gewone’ product. Voor micronutriënten (zoals vitaminen en mineralen) geldt als voorwaarde een verschil van 10% en voor natrium (zout) een verschil van 25%;
  • verlaagde energetische waarde: deze claim is alleen toegestaan als de energetische waarde van het product met minimaal 30% verlaagd is. Ook moeten de eigenschap(pen) worden vermeld waardoor de totale energetische waarde van het levensmiddel verlaagd is.

Simpele Chinese Pekingeend pannenkoekjes

Nodig:
  • 2 eendenborstfilets
  • zout
  • 12 Chinese pannekoekjes
  • 2 el Hoisinsaus
  • 6 bosuitjes in smalle snippers
  • 1/2 komkommer van de zaadlijst ontdaan, in smalle repen
  • 1 el sojasaus
  • 1 el honing
  • 1/2 tl Chinese vijfkruidenpoeder

Dit is een versimpelde versie van een traditioneel gerecht. Authentieke Pekingeend maken doe je niet zomaar. De eend moet een specifieke manier worden grootgebracht en wordt na 65 dagen geslacht. Dan wordt er lucht onder de huid gepompt zodat deze los komt van het vlees. Hij wordt kort gekookt. Vervolgens wordt hij geglaceerd met suikersiroop en 24 uur opgehangen om te drogen. Daarna wordt de eend in een hangoven onder hoge temperatuur gedurende 35 minuten gegaard.Klinkt als veel werk? Dat is het ook. Daarom deze versimpelde versie. Als je het jezelf echt gemakkelijk wilt maken, veel Aziatische toko’s verkopen kant-en-klare Pekingeend. De pannenkoekjes kun je, hoewel het niet moeilijk is ze zelf te maken, kant-en-klaar kopen. Ook de hoisinsaus moet je bij de toko halen.

Bereiding

  1. Kerf de vetlaag van de  eend met een scherp mes in een ruitpatroon en wrijf hem in met zout. Roer voor de marinade de sojasaus, honing en vijkruidenpoederdoor elkaar. Leg de filets op de vetkant in een bakje en schep de marinade over de vleeskant heen. Laat ze minstens 1 uur in de koelkast marineren
  2. Neem de eend uit de marinade en dep hem droog. Verhit een koekenpan met antiaanbaklaag en leg de filets op de vetkant. Bak ze 1o minuten. Schenk zo nodig een teveel aan vet uit de pan. Draai de filets om en bak ze 5 minuten in het vet tot het vlees mooi roze is. Haal ze uit de pan en laat ze 10 minuten rusten
  3. Bestrijk elk pannenkoekje moet een dun laagje hoisinsaus. Snijd de eendenborst in reepjes. Verdeel het vlees en de groenten over de pannenkoekjes. Rol ze op in de vorm van hoorntjes.

Gegrilde zalm met kruidenkorst

Nodig:

  • vijzel
  • 2 mooie stukken zalm
  • peper en zout naar smaak
  • 1 teen knoflook
  • 1 el dragon fijngehakt
  • 1 el peterselie fijngehakt
  • 1 flinke tl mosterd
  • 3 el mayonaise
  • vers citroensap
 Dit is een super makkelijk recept en uitstekend geschikt voor mensen die niet veel ervaring hebben met het koken van vis. Vandaag gebruiken we dragon en peterselie, maar je kunt natuurlijk ook andere kruiden gebruiken.Bereiding

  1. Snijd de knoflook klein en doe het samen met de kruiden en flink wat zout in een vijzel. Stamp alles fijn tot een groene pasta
  2. Voeg mayonaise, mosterd en een klein beetje citroensap toe. Als je wil kun je ook wat cayennepeper toevoegen. Proef en voeg naar smaak extra peper of zout toe.
  3. Smeer het kruidenmengsel over je vis. Als er vel op de zalm zit kun je hem kort in een pan aanbakken.
  4. Zet de oven op grillstand en schuif de vis erin. Bak tot de korst mooi bruin is en de zalm van binnen gaar. Als je dikke stukken zalm hebt en je bang bent dat ze van binnen niet gaar zijn kun je de oven nog even op 180 graden (gewone stand) zetten. Serveer met partjes citroen.

Het paardenvlees schandaal

De ophef rond paardenvlees verspreidde zich de afgelopen weken snel. Door heel Europa werd er in producten waarin alleen rundvlees verwerkt zou zijn, paardenvlees aangetroffen. Op zich niet zo’n groot probleem; paardenvlees is volgens de Voedsel- en Warenautoriteit prima te eten. Zijnde het niet dat paardenvlees een stuk goedkoper is dan rundvlees. Het kan dus zijn dat iemand er in de leveringsketen flinke winst op maakt. Gaat het dus om een foutje op het etiket, of om grootschalige fraude?

Paardenvlees en rundvlees schijnen enorm op elkaar te lijken. Paardenvlees is iets roder en zoeter, maar voor het ongetrainde oog is het verschil bijna niet te zien. Wanneer het verwerkt is tot snippers of gehakt en vermengd is met rundvlees, is het alleen nog maar aan te tonen met een DNA test. Europa reageert geschokt wanneer het aan licht komt dat er in kant-en-klare 100% rundvlees producten als lasagne, chili con carne en hamburgers paardenvlees wordt aangetroffen. Zelfs de smakelijke Zweedse balletjes van de IKEA zijn niet veilig. Ook daar zit paardenvlees in.

Een handige infographic:

Horsemeat Infographic

Geen verassing

Het schandaal kwam voor de oplettende consument niet als een verassing. Zo deed Kassa vorig jaar november een onderzoek waaruit bleek dat dat er in 2 van de 6 geteste hamburgers paardenvlees zat. In de burger van NS keten Smullers werd zelfs 1/3 paardenvlees, 1/3 pluimveevlees en maar 1/3 rundvlees gevonden.

Nog niet zo lang geleden weidde de Keuringsdienst van Waarde een aflevering aan Filet Americain, waarin varkensvlees werd aangetroffen. Eerder waren er afleveringen over de dubieuze ingrediënten van hamburgers, döner kebabfrikandellenfabrieksrookworst en gevormd plakvlees (gatver!). Dus dat er veel onduidelijkheid over de inhoud van vleesproducten bestaat, wisten we al.

Volgens minister Edith Schippers van Volksgezondheid is het overigens niet verboden om een andere vleessoort of  vulling aan een product toe te voegen, maar de consument moet hier wel over geïnformeerd worden. Zo verwerkt Mora al jaren paardenvlees in zijn bitterballen. Vanwege de karakteristieke smaak, zeggen ze op hun website. Het staat gewoon op het etiket en niemand heeft er een bitterbal minder om gegeten.

Het probleem is dus niet dát er paardenvlees in is verwerkt, maar dat het niet op het etiket staat.

Het blijkt dat er in hamburgers nog maar zelden 100% rundvlees zit. In Groot Brittannië wijst men nu ook naar de consument. Wanneer je de prijs van een halve kilo rundergehakt van de slager vergelijkt met de prijs van een pak goedkope, bevroren hamburgers, moet er toch ergens een belletje rinkelen.

Food critic Giles Coren schrijft: ”What on earth did you think they put in them? Prime cuts of delicious free-range, organic, rare breed, heritage beef, grass-fed, Eton-educated, humanely slaughtered, dry-aged and hand-ground by fairies…?” Ben ik de enige die deze quote enorm grappig vindt?

Volgens Felicity Lawrence, voedselexpert bij de Guardian, is het heel simpel: ”You get what you pay for.”

Volg de broodkruimels…

Oké, even terug naar het begin. 16 Januari laat de Food Safety Authority van Ierland weten dat er sporen van paardenvlees zijn gevonden in runderburgers, in één product zelfs 29%. Er worden 10 miljoen burgers uit de schappen gehaald bij supermarkten Tesco, Lidl, Aldi, Iceland en Dunnes Stores.  Er wordt een groot onderzoek gestart en in de weken daarna wordt er steeds meer paardenvlees gevonden in producten waarin enkel rundvlees zou moeten zitten. In 2 kant-en-klaar maaltijden van de Aldi zit maar liefst 100% paardenvlees!

Wanneer er onderzoeken in de rest van Europa worden gedaan blijkt het probleem veel groter dan gedacht. Environment secretary Owen Paterson spreeks zelfs van een samenzwering. Sommigen denken dat de georganiseerde misdaad er achter zit.

>>Bekijk hier de gedetailleerde tijdlijn<<

Maar waar het vlees nou daadwerkelijk vandaan komt, is lastig te achterhalen. Vlees legt een enorme reis af voordat het bij ons op het bord beland. De Ierse leveranciers zeggen dat het vlees vanuit Polen verkocht is als rundvlees. Andere leveranciers hebben hun vlees via Frankrijk uit Roemenië. En in Luxemburg wijzen leveranciers naar Cyprus. En die hadden het vlees weer via een Nederlander uit Roemenië.

De ambassadeur van Roemenië wijst alle beschuldigingen af: “We have understood that the horsemeat found in meat products sold in the UK has been imported by the lasagne producers as minced meat from another EU member state. Romanian companies do not export any kind of minced meat. The horsemeat they export to the other EU markets is not processed and is properly labelled and controlled.”

Wie er nu echt gesjoemeld heeft met de etiketten is mij nog steeds onduidelijk, maar er zullen de komende weken ongetwijfeld mensen worden gearresteerd. Dat hoop ik althans.

Gezondheidsrisico’s

“Er is op dit moment geen reden of bewijs om te vermoeden dat de voedselveiligheid risico loopt,” staat er op de website van de Voedsel- en Warenautoriteit. Echter, wanneer de paarden uit het illegale circuit komen kan de kwaliteit niet gewaarborgd worden. De dieren kunnen behandeld zijn met diergeneesmiddelen die schadelijk zijn voor de gezondheid. “Mocht het diergeneesmiddel in paardenvlees aangetroffen worden, dan worden alle partijen vlees direct uit de handel genomen.”

Toch rapporteert een Belgisch nieuwsblad dat er gedurende maanden, misschien wel jaren, paardenvlees dat niet geschikt is voor consumptie op het bord is beland. “Het gaat om een grote trafiek met uitlopers naar Frankrijk en Duitsland”, zegt procureur des konings van Neufchâteau, Vincent Cambier. Er loopt momenteel een gerechtelijk onderzoek.

“Een paard dat niet geschikt is voor consumptie laten inslapen kost de fokker al gauw 100 euro, terwijl het vlees 600 à 800 euro kan opbrengen, als je het kunt verkopen aan een slachthuis”, verklaart een ingewijde uit het paardenmilieu in het Belgische weekblad.

Paardenslagers sterven uit

In Groot Britannië is het aantal paarden dat voor het vlees werd geslacht de afgelopen jaren flink gestegen. In 2008 waren het er 2.000, maar in 2011 waren dat er wel 12.000. Het grootste gedeelte werd geëxporteerd naar Frankrijk, Italië en België, waar een paardenbiefstukje nog gewoon op het menu staat.  Ook in Zuid Amerika, China, Canada en Zwitserland wordt paardenvlees gegeten. In Japan kun je paardenvlees zelfs rauw als sashimi eten.

Paardenvlees wordt vooral geproduceerd in China, Kazachstan en Mexico. In veel westerse landen is het eten van paardenvlees taboe en zijn de paardenslagerijen vrijwel allemaal verdwenen. In Nederland zijn er nog maar 4, misschien 5. In Utrecht en omstreken is Paardenslagerij van Beek de laatste; ooit waren er 13 in de stad. Ik ben van plan binnenkort langs te gaan om wat vragen te stellen. Daarover later meer.

In Nederland sterft het vak paardenslager uit. Het is zeer specialistisch werk en de afgelopen 10 jaar heeft niemand de opleiding meer gevolgd. De slagers die met pensioen gaan weten niet aan wie ze het vak over moeten dragen.

Over ‘een jaar of zes’ wil Peter Wisker (62) uit Haarlem met pensioen. “Ik heb wel een dochter, maar haar wil ik dit niet aandoen. Ik vind het een mooi vak, maar tamelijk zwaar. Vooral voor een meisje. Je moet de stukken tillen, verleggen, lossnijden. Je oefent veel kracht uit op je polsen. Een stuk weegt soms wel 80 of 90 kilo. Ook financieel is het zwaar. Supermarkten en algemene slagerijen verkopen ook paardenvlees, uit Zuid-Amerika. Het wordt vacuüm verpakt naar Nederland gebracht en centraal ingekocht. Het kost minder in de supermarkt, maar de kwaliteit van dat vlees is veel slechter dan van het verse vlees dat wij verkopen. Als de mensen supermarktpaard eten, zijn ze meteen genezen: dan denken ze dat paardenvlees niet lekker is.”

Dierenwelzijn

Veel mensen staat het eten van paardenvlees niet aan. In Amerika vindt men het idee afschuwelijk. Bekijk het filmpje hieronder:

Zonde, als ik de video zo bekijk. Er is een overschot aan dieren en door ze in de V.S. de slachten wordt ze in ieder geval een lange, stressvolle reis bespaard.  Veel mensen zien paarden als edele dieren en dus voelt het onprettig ze als slachtvee te behandelen. De afkeer naar paardenvlees lijkt grotendeels cultureel bepaald en is dus willekeurig (Joden en Rooms Katholieken mogen geen paardenvlees eten en voor Islamieten wordt het afgeraden).

Lijkt, zeg ik, want er is (natuurlijk) ook een donkere zijde. Wanneer een dier geslacht wordt, moet het direct aan z’n achterpoten ondersteboven worden gehangen, zodat het bloed eruit kan lopen. Soms worden paarden met een blessure of zeer pijnlijke aandoening, onnodig langer in leven gehouden zodat ze geslacht kunnen worden en geld opbrengen. Het filmpje hieronder is tamelijk schokkend. Bekijk hem dus op eigen risico:

Zoals je ziet gaat het slachten zelf best wel snel. Het lijkt er niet op dat de dieren veel stress ondervinden. Bovendien hebben ze een beter leven achter de rug dan menig vleesrund. Mits ze geneesmiddelenvrij zijn, heb ik met paarden die op humane manier geslacht  zijn, geen probleem. Maar het slachten gaat niet overal op een diervriendelijke manier.

Ik sprak afgelopen weekend met een Kazachstaanse vriendin. Die eet al van jongs af aan paardenvlees en zegt dat ze in Kazachstan, waar veel paardenvlees vandaan komt, niet zo bezorgd zijn om dierenwelzijn. Dat geldt ook voor Azië. Hoewel ze in Zuid-Amerika veel aan extensieve veeteelt (het tegenovergestelde van de intensieve bio-indstrie die we in Europa kennen) doen, zijn er voor het slachten maar weinig richtlijnen.

De fysiologie van een paard is anders dan dat van een rund. Het is specialistisch werk dat in sommige slachthuizen niet goed wordt uitgevoerd en waardoor de paarden onnodig lijden. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de reis die ze afleggen als ze naar het slachthuis, vaak in het buitenland, vervoerd worden.

Dit geldt overigens niet alleen voor paarden. Denk maar eens aan de plofkip, varkens en koeien uit megastallen, of legbatterijkippen. Als argument tegen het slachten van paarden vind ik het dus niet heel overtuigend.

De moraal van het verhaal

In the end of the day komt het hier op neer: weet waar je eten vandaan komt; iets wat bij kant-en-klare maaltijden of samengestelde producten vrijwel onmogelijk is. En kijk op het etiket!

Het liefst zou ik mijn vlees iedere dag bij de keurslager om de hoek halen, maar ik ben maar een student en dat is voor mij niet reëel. Wel koop ik altijd vrije uitloopeieren, biologische kip en duurzame vis. Zo probeer ik toch mijn steentje bij te dragen. Het overgrote deel van de ‘slechte’ dierlijke producten zit echter verwerkt in samengestelde producten en kant-en-klare maaltijden. Die koop ik dan ook zo min mogelijk; ik kook zo veel mogelijk met verse producten.

Liefhebbers noemen paardenvlees het ultieme scharrelvlees. Ben je van plan het te proberen, haal het dan bij een gerenommeerde paardenslager. Zoals ik al zei ga ik binnenkort langs bij Van Beek, op de Kanaalstraat in Utrecht. Ik wil weten waar het vlees vandaan komt en misschien durf ik het wel te proeven. Houd de website in de gaten. Als je echt niks wil missen kun je onze facebook pagina liken, ons volgen op twitter of je aanmelden voor de nieuwsbrief (rechts onderaan deze pagina). No worries, aan spammen doen we niet : )

Ik hoop jullie hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Ik ben heel erg benieuwd naar wat jullie van dit alles vinden. Laat onderaan deze pagina een reactie achter.

Kerstcocktail: Eggnog (Eierpunch)

Nodig:
  • 0,5 l melk
  • 0,2 l (koffie)room
  • 1 tl vanille extract of 1 vanillestokje
  • 1 el verse nootmuskaat fijngeraspt
  • 1 el kaneel
  • 40 g suiker
  • 5 shots cognac of rum of naar smaak

Eggnog is een typisch Amerikaans drankje dat zijn oorsprong vindt in de 18e eeuwse Engelse aristocratie.  Rond 1800 vond het zijn weg naar de Verenigde Staten en Canada, waar het nog steeds enorm populair is. Het wordt vooral in de winter gedronken en mag zeker rond de kerst niet vergeten worden.

De luchtige, romige drank wordt traditioneel gemaakt met rauwe eieren en is dus niet geschikt voor zwangere vrouwen en kinderen. In dit recept worden de eieren op een zeer langzaam en op lage temperatuur warm gemaakt. Op die manier garen de eieren, zonder dat er roerei ontstaat, en is het gevaar voor salmonella zeer laag.

Je kunt Eggnog dagen in de koelkast bewaren. De smaak veranderd er wel iets door, die wordt zachter.

Bereiding

  1. Verhit de melk en de room in een pannetje op middenhoog vuur. Voeg ook een vanillestokje en nootmuskaat toe. Breng het mengsel langzaam tegen de kook en roer regelmatig.
  2. Scheid ondertussen 4 eieren. Houd het eiwit apart. Gebruik een mixer en mix het eigeel totdat het iets lichter begint te kleuren. Voeg nu, terwijl je mixt, langzaam de suiker toe. Mix tot alle suiker op is gelost.
  3. Haal de pan van het vuur en schenk deze langzaam, al mixend, bij het eier/suiker mengsel. Schenk het er niet te snel bij, anders krijg je roerei.
  4. Zet het mengsel terug op mediumlaag vuur en verwarm het nog eens 4 tot 6 minuten. Let erop dat het niet gaat koken. Roer regelmatig.
  5. Haal de pan van het vuur en voeg de rum of cognac toe. Proef en voeg eventueel naar smaak kaneel of nootmuskaat toe. Schenk het mengsel in een punchbowl en zet het afgedekt in de koelkast.
  6. Maak de mixer schoon en mix het eiwit tot het stijf begint te worden. Voeg nu 1 eetlepel suiker toe en mix totdat er stijve pieken blijven staan.
  7. Meng, wanneer de Eggnog koel is, het eiwit er voorzichtig in zodat er een glad mengsel ontstaat. Gebruik zo nodig een garde.

Her­ten­bief­stuk met krie­ken­jus

 Nodig:
  • 4 (herten)biefstukken op kamertemperatuur
  • 4 el olijfolie
  • 50 g boter
  • 1 ui fijngesnipperd
  • 100 g winterpeen in dunne plakjes
  • 1 stengel bleekselderij fijngesneden
  • 2 kruidnagels
  • 1 kaneelstokje
  • 1 doosje kersen (250 g diepvries) ontdooid
  • 1 flesje kriekbier (0.3 liter slijter)
  • 1 tl aardappel zetmeel (pakje 200 g)
  • 1 el kersenconfiture (pot 370 g)

Dit kerstrecept is afkomstig uit mijn favoriete supermarkt magazine: de Allerhande van Albert Heijn. Het kerstexemplaar featured Jamie Oliver en staat vol met handige tips en tricks voor het bereiden van wild. Ik heb altijd al eens hertenbiefstuk klaar willen maken en ik denk dat het er dit jaar misschien wel eens van komt! Ik houd jullie op de hoogte van het resultaat. Maar nu eerst… het recept:

Bereiding

  1. Bestrooi de biefstukken met peper en zout. Verhit de olie in een grote koekenpan en bak het vlees in 2 min. op hoog vuur rondom bruin. Neem uit de pan en verwijder de olie.
  2. Verhit 20 g boter in dezelfde pan en bak de ui, peen en bleekselderij 10 min. Voeg de kruidnagels, het kaneelstokje, de helft van de kersen en het bier toe en laat op laag vuur tot de helft inkoken. Schenk door een bolzeef in een steelpan en breng weer aan de kook. Meng het zetmeel met 1 el koud water en voeg al roerend toe aan de saus, met de rest van de kersen, de confiture, peper en zout.
  3. Verhit 20 g boter in een koekenpan en bak de biefstukken nog 3 min. Neem de saus van het vuur en meng de rest van de boter erdoor. Serveer de biefstukken met de saus.

Tiramisu

 Nodig:
  • 1 pak lange vingers (175 g)
  • 250 ml sterke koffie
  • 50 ml marsala (zoete Siciliaanse wijn, slijter)
  • 4 eieren gesplitst
  • 75 g fijne kristalsuiker
  • 2 bakjes mascarpone (verse roomkaas, a 250 g)
  • 1 bekertje slagroom (125 ml)
  • 1 el cacaopoeder

Tiramisu is al jaren een klassiek Italiaans dessert, maar het gerecht bestaat in feite nog maar zo’n 50 jaar. Een restaurant in de stad Treviso ontwikkelde het originele tiramisu-recept zoals we dat nu nog steeds gebruiken.

Bereiding

  1. Bedek de bodem van een schaal met de helft van een pak lange vingers. Meng 250 ml afgekoelde sterke koffie (liefst espresso) met 50 ml marsala, een zoete, Siciliaanse wijn. Schenk de helft van het mengsel over de lange vingers.
  2. Splits 4 eieren en doe de eidooiers met 50 gram fijne kristalsuiker in een kom. Klop met een mixer in 5 minuten tot een lichtgele crème.
  3. Roer twee bakjes mascarpone (in totaal 500 gram) in een ruime kom los met een vork. Klop 125 ml slagroom en 25 gram suiker stijf. Spatel de slagroom en de eiercrème zo luchtig mogelijk door de mascarpone. Schep de helft van het mengsel over de lange vingers.
  4. Doop de rest van de lange vingers in de koffie en leg ze op het mascarponemengsel. Schenk de rest van het mengsel over de lange vingers. Bestuif de tiramisu met een zeefje met cacao. Dek de tiramisu af met vershoudfolie en zet hem in de koelkast. Laat minimaal 2 uur opstijven.